
Eind 2024 heeft het College van de gemeente Breda besloten dat er per 01-01-2029 een zero-emissiezone in het centrum van Breda komt voor vrachtwagens en bestelbusjes. Dat betekent dat al deze voertuigen vanaf 2029 schoon aan de uitlaat moeten zijn (elektrisch of waterstof). Deze maatregel heeft vooral effect op de stadslogistiek van Breda, het leveren van goederen in het centrum van Breda. Leveranciers moeten hun wagenpark aanpassen aan de nieuwe regelgeving en een transitie maken naar elektrische of waterstof voertuigen. Daarnaast zijn er binnen de gemeente plannen vastgesteld om het doorgaand verkeer door het centrum moeilijker te maken en het centrum (nog) meer een verblijfsgebied te maken.
In 2019 en 2020 heeft er een pilot plaatsgevonden vanuit Sligro en Heineken om de horeca in Breda effectiever te gaan beleveren. Deze pilot werd als een succes ervaren door ondernemers en leveranciers, maar moest in maart 2020 noodgedwongen gestaakt worden door de uitbraak van het COVID-virus en de sluiting van de horeca. Nu willen we de pilot herstarten met daarbij ook een kwalitatief onderzoek naar leveringsbehoeften van horeca-ondernemers.
Probleemstelling
Het effectiever en slimmer leveren van horeca-goederen wordt uitgevoerd door ondernemers en leveranciers. De gemeente speelt daar een stimulerende rol in. Leveranciers en de gemeente hebben een duidelijk belang bij een effectievere stadslogistiek. Voor leveranciers betekent minder ritten en minder kilometers minder kosten, de gemeente wil graag het verblijfsklimaat van het centrum verbeteren en een vermindering van voertuigbewegingen is daarbij een middel.
Ondernemers (ontvangers) zien niet meteen het effect van een effectievere logistiek. Vaak wordt de prijs van het leveren van goederen niet separaat aan de ondernemers doorbelast, maar zit dat in de prijs van de goederen zelf. Echter zullen de extra kosten voor leveranciers vanwege de transitie die zij moeten maken om de zero-emissiezone in te komen doorbelast worden aan de ondernemer. Een effectievere levering zorgt voor kostenvermindering voor leveranciers die de extra gemaakte kosten dus niet hoeven door te berekenen richting de ondernemers.
De gemeente heeft ook belang bij een effectievere stadslogistiek. Zo zijn er minder vervoersbewegingen in het centrum, wordt de leefbaarheid in de stad vergroot en vermindert de geluidsoverlast voor bewoners van de stad.
Hoewel alle partijen direct of indirect belang hebben bij het effectiever inrichten van leveringen, komt het vaak toch niet tot uitvoering. Leveranciers proberen voor hun eigen bedrijf de logistieke effectief in te richten, maar werken daarbij vaak niet samen met andere leveranciers. Ondernemers zien niet direct een meerwaarde, want zij zien leveringskosten niet direct in het bedrijfsvoering terug. Daarnaast zijn er vaak praktische bezwaren. De gemeente wil het initiatief nemen en initiatieven ondersteunen, maar omdat zij geen uitvoerende partij zijn, is het lastig om plannen daadwerkelijk te realiseren. Vandaar dat de gemeente data wil verzamelen om te begrijpen hoe er gezamenlijk tot een effectievere stadslogistiek gekomen kan worden. Daarbij wordt vooral gericht om de partij met het indirecte belang, de ontvangende ondernemers.
Doelstelling
De doelstelling is een kwalitatief onderzoek waaruit naar voren komt wat de wensen en benodigdheden van ontvangers in de logistieke horeca keten zijn.
Resultaat
Het resultaat van het onderzoek is een inzicht door middel van kwalitatieve onderzoeksmethoden als een enquête en interviews in wensen en benodigdheden van ontvangers in de logistieke horeca keten. Wat is er nodig vanuit de kant van de ontvanger om een effectieve stadslogistiek tot stand te brengen? Wat zijn do’s and don’t om de ontvanger aan te haken bij een pilotproject en juist ook als die pilot afgelopen is?
Afbakening
Dit onderzoek richt zich op de deelnemende ontvangers is het project duurzame stadslogistiek horeca. De deelnemende ontvangers hangt af van de deelnemende leverancierspartijen in het pilotproject. Wat betreft het onderzoek richt het zich primair op de leveringsbehoeften van ontvangers, maar er wordt ook een inventarisatie naar de invloed van de komst van de zero-emissiezone op ontvangers meegenomen.